Eljero Elia

Woord: Bart Vlietstra
Gepost: 03-03-2018
Eljero Elia
13 februari 1987, Voorburg
Flankspeler van Feyenoord, nu Istanbul Basaksehir én sinds kort weer Oranje

Beeld: Lennaert Ruinen
Eerder verschenen in SANTOS #03, november 2016.

“Aymeric Laporte ken je die? Verdediger van Athletic Bilbao. Gruwelijk mooie stijl. Alles is in balans, alles klopt. Prachtige trap, ook.”

“Ik vind het leuk om spelers met een mooie stijl te ontdekken. Of om naar beelden te kijken van oude stijlmeesters. Zidane. Frank de Boer. Giovanni van Bronckhorst, mijn trainer. Het moet er mooi en moeiteloos uitzien.”

“Neymar heeft nu de mooiste stijl. Neymar dribbelt niet altijd op volle snelheid, hij draait en keert, heeft een heel pakketje aan trucs; je weet nooit wat hij gaat doen. En dan die balbehandeling. Hij aait de bal als het ware. Er zit niets ongecontroleerds bij. Maar ook niets bedachts. Het komt in hem op en de bal luistert. Zijn voeten praten. Zachtjes en zangerig, stel ik me zo voor. Want Brazilianen zingen veel.”

“Messi is directer, hij dribbelt op hogere snelheid, dat is moeilijker. Net als de oude Ronaldo. Il Fenomeno. Wat een geweldenaar. Die wordt altijd vergeten in het rijtje grote namen. Op mijn kuit heb ik een tattoo van hem. Hij is de meest complete aanvaller ooit.”

Ik wil dat mensen denken dat ik dom ben. Maar ik heb veel geleerd. Dat vertel ik er alleen niet bij.
Eljero Elia

“Bij Ajax in de jeugd gold: hoe mooier je stijl, hoe beter je was. Het moest wel iets opleveren, dat wel. Maar techniek ging voor alles. Je kreeg techniektraining, looptraining om mooier te lopen, danstraining en aerobics. Heb ik echt profijt van gehad. Ik had dan ook nog het geluk dat Arnold Mühren mijn trainer was. Dat was een echte techniekliefhebber. Ik ben dankbaar voor die basis.”

“Ik heb zelf een technische, simpele stijl. Of simpel... Doeltreffend. Schaartje maken en wegsprinten, dan even later terugkappen en de voorzet geven of op doel schieten. Het gaat mij er niet specifiek om, om iemand te vernederen met een toffe beweging. Die gebruik ik alleen als ik helemaal klem sta tussen twee man.”

“Als er iemand in mijn rug staat, ga ik op de bal staan en draai ik weg. Ik lanceer mezelf. Dat is wel een trademark.”

“Bij Feyenoord willen we altijd bikkelen, vechten. Dat eist het publiek. Maar ik moet technisch blijven voetballen, niet alleen met het bloed in mijn ogen staan. Meer Federer dan Nadal zijn. Anders klopt er iets niet.”

“Voetballers worden eentoniger. Je ziet weinig spelers die iets bijzonders durven te doen. Jezelf onderscheiden doen ze steeds meer door hun uiterlijk. Dat is je ID, dat zegt veel over wie je bent. Je kunt je eigen profiel vormgeven, vooral dankzij social media.”

“Iedereen wil er goed uitzien. Je steekt elkaar aan in de kleedkamer. Je hebt er het geld voor. Het luistert nauw, je kunt zo een misser maken. Dan word je de hele dag gepest. Slechte petjes of jassen; dan ben je de lul. Terecht. Dat hoort erbij.”

“Ik vind Pirlo er altijd goed uitzien. Een beetje zoals-ie voetbalt. Het lijkt sloom, maar hij outsmart je, hij is gewoon altijd slimmer. Ik ken geen foto waarop Pirlo er niet cool uitziet. En die tweede keeper van Liverpool, die is ook modebewust. Hij gaat met een model. Dat gaat vaak samen.”

“In Nederland vind ik dat Theo Janssen en Lasse Schöne een toffe stijl hebben, beetje rock, rebels. Bij Janssen paste die looks bij zijn stijl als voetballer, bij Schöne lekker niet. Dat is ook tof. Alles is tof. Als je er maar achterstaat, weet je. Je moet het representen.”

Op mijn kuit heb ik een tattoo van de oude Ronaldo. Hij is de meest complete aanvaller ooit.
Eljero Elia

“Toen ik bij ADO speelde, had iedereen een matje. Verhoek, Bodde, Schwiebbe, Kolk, El Moussaoui, Pronk. Ik niet. Hé, ik had kroeshaar, daar kun je toch geen matje van maken? Onze trainer in het tweede was Cor Lems. Nee, hij had geen matje. Als voetballer wel? Wist ik niet, man. Ik vond Cor een heel nette man uit Zoetermeer.”

“Tuurlijk kan uiterlijk invloed hebben op je spel. Neymar die straalt toch helemaal uit dat-ie je kapot gaat dollen? Dat je hem tien keer kan neertrappen als hij je probeert te dollen en hij het de elfde keer wéér doet? Dat zie je aan die gozer. Hij is gewoon bad news. Hij maakt je meteen bang.”

“Twee dagen voor de wedstrijd gaat iedereen naar de kapper. Alles moet strak zitten. Ik ken geen voetballer die geen aandacht aan zijn kapsel besteedt. Logisch. Met krenten op je hoofd kan je niet gaan voetballen. Je moet jezelf fris voelen. Je komt toch op tv, er wordt helemaal op je ingezoomd. Het is net als met uitgaan. Dan wil je dat ook.”

“Het is drukker voor de wc dan voor de spiegel voor een wedstrijd. Iedereen heeft zijn haar thuis al gedaan.”

Ik ken geen voetballer die geen aandacht aan zijn kapsel besteedt. Logisch. Met krenten op je hoofd kan je niet gaan voetballen.
Eljero Elia

“Ik kijk op internetsites zoals HYPEBEAST om te zien wat er nieuw is. Ik volg ontwerpers zoals Marcelo Burlon. Die kende ik al voordat hij beroemd werd. Had-ie pas 7.000 volgers. Ik zei: ‘I like your style.’ Nu draagt iedereen hem. Mijn huidige favorieten zijn Acne, Fear of God. Ik loop niet in Prada of Dsquared. Ja, alleen trainingspakken van Dsquared. Maar geen spijkerbroeken of schoenen zoals de rest. Ik wil iets aandoen dat iemand anders niet in zijn hoofd heeft. Ik was een van de eersten met een hanenkam, met tattoos en bepaalde kleding.”

“Je moet zorgen dat je keihard werkt als je iets extravagants doet. Anders pakken ze je daarop.”

“Na het WK 2014 werden Demy de Zeeuw en ik benaderd door kledingmerk BALR. Gregory van der Wiel is erbij gekomen. Wij zijn de uithangborden. We moesten een bedrag inleggen. Hebben we gedaan. Nu zijn we een miljoenenbedrijf geworden. Je ziet ons overal. Op Schiphol, Rotterdam en Amsterdam Centraal zie je onze billboards. We gaan een eigen zaak beginnen in de Kalverstraat, de duurste straat van Monopoly. De jeugd draagt het, maar ook topvoetballers. Di María. Messi. David Luiz. Het is simpel, ze zitten in de kleedkamer met ons of spelen tegen ons en dan vragen ze erom. Götze benaderde me via Instagram dat-ie graag twee T-shirts wilde. Die was er echt dolblij mee, vloog me bij de volgende wedstrijd dat we elkaar zagen om m’n nek. Dat is mooi.”

“Er zijn rotte appels bezig het merk kapot te maken. Die maken shirts met hetzelfde lettertype, maar met andere letters. Nike en adidas zijn doodsbang voor ons. Van Nike krijg ik alleen nog schoenen, maar geen contract. Ze vinden me te veel BALR. Pas als ik in Oranje kom, melden ze zich weer. Ik heb dat niet meer nodig. Jongens die bij Nike onder contract staan moeten foto’s van zichzelf in een shirt van BALR. weghalen. Dan weet je dat je een grote concurrent bent.”

Van Oranje komt niemand meer extravagant naar Noordwijk. Te veel commentaar. Geen zin meer in.
Eljero Elia

“Dat ik een uithangbord ben van ons merk, zit altijd in m’n hoofd. Ik werd een halfjaar geleden aangehouden. Een vriend, die ik nota bene geholpen had om uit de shit te raken, was geslagen door andere vrienden en had mij erbij gelapt. Dan snap ik dat ouders tegen hun kinderen zeggen dat ze geen BALR. mogen dragen, omdat ik slecht in het nieuws was. Dus daar baalde ik wel van, ook al kon ik er niets aan doen.”

“Ik wil dat mensen denken dat ik dom ben. Naïef en zo. Ik heb een babyface. Maar ik heb veel geleerd. Dat vertel ik er alleen niet bij. Laat ze maar denken.”

“Van Oranje komt niemand meer extravagant naar Noordwijk. Te veel commentaar. Geen zin meer in. In Italië is het heel normaal. Daar komen jongens in maatpakken naar de training. Kom ik een keer in een legerprint, schrijven ze dat ik klaar ben voor de oorlog. En toch... Als ik zin heb in die outfit draag ik hem.”

“Ik wil na mijn voetbalcarrière zeker geen fulltime ondernemer worden. Veel reizen, veel zakendiners, weinig bewegen; dan word ik dik. Kan niet. Ik wil jeugdtrainer worden. Lekker de hele dag op het veld met een bal. Jonge jongens een beetje helpen met hun speelstijl. Dat blijft het mooist.”

Clubs: ADO Den Haag, FC Twente, Hamburger SV, Juventus, Werder Bremen, Feyenoord en nu Istanbul Basaksehir.
Trivia: Vernoemd naar muzikant Al Jarreau. Modetrendsetter en -entrepreneur.
Lees ook
Column

Mulder bemint:
Robert Schlienz

Als Wehrmacht-soldaat werd Robert Schlienz geraakt door een Russische kogel, maar de grootste schade liep hij op bij een auto-ongeluk ná de Tweede Wereldoorlog: hij verloor een arm. Hij liet zich er niet door tegenhouden.
Reportage

Trauma’s te lijf
bij Mamio 5

In het vijfde elftal van de Groningse amateurclub Mamio spelen bijna louter gevluchte Eritreeërs. Ze zijn gaan voetballen om te integreren, en ‘om niet gek te worden’. SANTOS bezocht de thuiswedstrijd tegen Groen Geel 7.
Reportage

De cult van
de Cosmos

De glorietijden van de New York Cosmos zouden herleven op de campus van Hofstra University, maar het lijkt niet te lukken. New York kijkt naar New York City FC en de New York Red Bulls, terwijl de Cosmos gevangen zit op ‘niveau twee’. De club van de toekomst is een herinnering geworden.
Overig

Eusébio en het
zout van de traan

Wilfried de Jong brengt in elk nummer van SANTOS een ode aan een overleden voetballegende door hem voor een dag terug te halen naar aarde. Deze keer spreekt de Portugees Eusébio (1942-2014) af met zijn nog springlevende opvolger Cristiano Ronaldo.
SANTOS #10: SANTOS Voetbalreisgids

Handboek voor de ideale voetbaltrip

Wat zijn de tofste steden en regio’s voor een ideaal voetbalweekendje? Waar vind je de beste pubs, of die ene obscure snackbar van een beroemde oud-speler? In welke steden vind je glamour en glorie, maar ook pure cult? Hoe kom je aan kaartjes? Kun je met je vrienden het beste naar Londen, of misschien toch naar Liverpool?
SANTOS #09: NAAR HET STADION

De ziel van de Eredivisie in 18 foto’s

Of hij misschien zin had om voor SANTOS en de Eredivisie CV de ziel van onze eigen, schitterende Eredivisie in beeld te brengen, vroegen we een paar maanden geleden aan fotograaf annex stadionfetisjist Marco Magielse. We waren nog niet uitgesproken, of Magielse zat al in de auto. Zo’n 4.500 kilometer en 18 stadions verder wilde hij eigenlijk nog niet stoppen, maar helaas, de Eredivisie-huizen waren op. Gelukkig hebben we de foto’s nog. Daarom, nog 18 keer: een kijkje in de ziel van de Eredivisie door de lens van de misschien wel beste voetbalcultuurfotograaf van Nederland.