Björn van der Doelen

Woord: Bart Vlietstra
Gepost: 29-03-2018
Björn van der Doelen
24 augustus 1976, Goirle
Oud-voetballer, muzikant

Beeld: Lennaert Ruinen
Eerder verschenen in SANTOS #05, december 2017.

“Mark van Bommel kon de hele dag over voetbal praten. Ik keek niet eens de samenvattingen van mijn eigen wedstrijden, ging liever een beetje pielen met mijn gitaar.”

“Ik ben gestopt op mijn 29ste. Ik was klaar met dat korset, de regeltjes, de niet-nagekomen beloftes van trainers. Maar ik kan nog steeds niet zonder sport. Ik móét drie keer per week boksen. En dan echt sparren, mezelf meten met een ander. Als ik voetbal met het tweede amateurteam van PSV, ben ik nog steeds bloedfanatiek. Schelden, schoppen, sleuren. Kapot gaan, dat zit er zó in. Bij muziek maken koester ik juist de rust.”

“Als voetballer was ik niet ingewikkeld: ballen afpakken, inleveren, beetje draven. Ik houd van simpel. Als muzikant praatzing ik over wat ik meemaak in het plat Brabants op een soort Americana-blues, bietje country erbij; niet te moeilijk.”

“Repeteren met de band doe ik nooit, terwijl ik trainen het leukste vind bij voetbal. Lekker naar de kloten gaan. Soms met een goede kater. Héérlijk. Krijg je karakter van. Van mijn oude ploegmaat Lucius, die nu jeugdtrainer is, begreep ik dat spelers nu alles met een bal kunnen, maar zestien keer van zestien naar zestien rennen, daar hebben ze de inhoud niet voor. Dan is het niet raar als je afhaakt bij de top.”

Dat is trouwens het enige zinnige dat ik te zeggen heb over onze voetbalcrisis.
Björn van der Doelen

“Interviews met voetballers, sorry, je kunt ze tegenwoordig bijna allemaal overslaan. Waterreus (voormalig PSV-keeper, red.) zei gewoon: ‘PSV is twee topspitsen en een goede keeper.’ Ja, dat gáf een partij gezeik. Nou en? Wat is er mis mee als er een keer iemand uit de bocht vliegt? Krijg je tenminste een beetje vuur. Hij had nog een punt ook, trouwens. Het is nu allemaal zo vlak, zo volgzaam, zo zouteloos, zo voorzichtig. Dat zie je ook terug in het veld, dat gebrek aan initiatief, aan lef. Ik was vorig jaar een keer bij PSV-Twente en er gebeurde een uur lang niets. Niets! Ik dacht: Wat doe ik hier?”

“Ik relativeer niet in mijn muziek, heel vrolijk is het niet. Daarvoor hoeft er niet iemand voor je neus dood neer te vallen. Ieder huisje heeft zijn kruisje. Mijn leed is misschien niet zo groot. Maar ik heb het wel gevoeld.”

“Als mijn middelste zoontje vertelt dat hij moest huilen omdat een bepaald nummer van Bruce Springsteen hem zo heeft geraakt, dat hij dan altijd aan papa moet denken, ja, dan moet ik ook bijna janken. Dat vind ik zó mooi.”

“De band met ons moederke is heel hecht, we bellen dagelijks. We kunnen uren ouwehoeren. We hebben elkaar enorm gemist toen ik in het PSV-internaat zat. Ik was al vanaf mijn veertiende uit huis. En op het strand in Spanje was ik als vijfjarig menneke eens zes uur verdwaald. Dat zijn traumaatjes die ons enorm hecht hebben gemaakt.”

“Ik ben heel jaloers. Dat is ook een goede emotie om mee te klooien in een liedje.”

Normaal vraag ik 300 euro ex btw solo en 100 euro per muzikant. Soms minder. Het is nog niet een procent van wat ik als voetballer verdiende.
Björn van der Doelen

“Ik wil alles het liefst zo veel mogelijk zelf in de hand houden. Als mensen via de e-mail een plaat bestellen, fiets ik zelf naar het postkantoor om hem af te gooien. Soms doe ik er iets persoonlijks bij. Een speciaal woordje, een sticker of een taske. Is toch leuk?”

“Radio Veronica vroeg wat ik wilde hebben voor een wekelijkse column. Ik zei: ‘Ik hoef geen geld, draai mijn muziek gewoon een keer.’ Het was alsof ik om een medicijn tegen ongeneeslijke kanker had gevraagd. De playlist van zo’n station is heiliger dan God. Terwijl ze alleen maar dezelfde meuk draaien.”

“Een vriend zit in de worstenbroodjes. Die vroeg of ik een liedje over worstenbroodjes kon maken voor een mooi bedrag. Zeg ik: ‘Nee, ik hoef geen geld, maar dan en dan heb ik een feestje, dus als je dan een doos worstenbroodjes kan afgooien, zou dat fijn zijn.’ De ouderwetse ruilhandel, daar ben ik een voorstander van. Jij helpt mij, ik help jou. Wat nummerkes spelen in een tattooshop is ook geen probleem in ruil voor wat verse inkt op mijn lijf.”

“De voetballerij is wat dat betreft natuurlijk helemaal de weg kwijt. Kan me niet voorstellen dat je er echt gelukkig van wordt als je tientallen miljoenen verdient. Krijg je allemaal van die types achter je aan. En het is nooit genoeg, zeker niet in de top. Jongens gaan zich echt raar gedragen.”

“In mijn tijd was het niet zo extreem. Halverwege de maand kregen we bij PSV tijdens de lunch onze salarisstrook. Zei Ruud van Nistelrooij: ‘Hé, er staat een nul te veel bij mij! O nee, klopt gewoon.’ Lag iedereen dubbel.”

Van Nistelrooij vond het nummer Scar Tissue van de Red Hot Chili Peppers geweldig. Dat was al heel wat.
Björn van der Doelen

“Denk ik aan het mooiste uit mijn voetbalcarrière, dan denk ik aan ertussenuit piepen in een vreemde stad na een Europa Cup-wedstrijd met Fredje Bouma. En dat je dan ineens Ooijertje en Van der Weerden in die stad tegenkwam, want die waren hem ook gesmeerd. Als we elkaar nu weer zien, gaat het alleen over dat soort dingen. Nooit over: ‘Goh, weet je nog toen je die goal scoorde of ik die mooie pass gaf op jou?’ ”

“Van Nistelrooij vond het nummer Scar Tissue van de Red Hot Chili Peppers geweldig. Dat was al heel wat. Qua muzieksmaak had ik weinig medestanders in de kleedkamer. Willie Nelson en Johnny Cash draaien ze niet op de radio. En van Bruce Springsteen soms alleen The River. Er is zóveel meer…”

“Als voetballer werd je gevraagd door een club, als muzikant is het leuren. Wil je veel werk hebben, dan moet je zo veel mogelijk op tv of radio zijn. Daarom heb ik geen manager, ik wil niet iemand die aan mijn kop zeurt dat ik ergens moet opdraven omdat dat goed is voor mijn carrière, ik wil zelf die keuze maken.”

“In de meeste programma’s mag je een liedje van anderhalve minuut spelen en dan weer wegwezen. Ja, ik heb dus geen liedjes van anderhalve minuut, dus dan kom ik niet. En ik ga ook niet ergens over meepraten waar ik geen verstand van heb. Ik ben natuurlijk verwend. Ik kan het aardig uitzingen door wat ik als voetballer heb verdiend.”

Net als kutwedstrijden heb je ook weleens kutoptredens.
Björn van der Doelen

“Als muzikant is het moeilijk te meten wanneer je het hebt gemaakt en wanneer niet. Is dat als je ervan kunt leven of als je de Ziggo Dome uitverkoopt en je muziek de hele dag op de radio klinkt? Ik ben blij hoe het gaat, heb een beetje een fanbase opgebouwd. Ik hoop theaterzaaltjes van 200, 300 man vol te krijgen in Brabant en een klein beetje erbuiten. Groter hoeft niet. Ik ben niet graag lang van huis. Serieus touren lijkt me vreselijk. Ik kan nog geen vier dagen zonder de kiendjes.”

“Ik neem Teuntje, Kootje en Klaasje weleens mee naar een middagoptreden. Staat m’n meisje ook mee te zingen op het podium. Laatst kwam halverwege de middelste het podium op. Ik zei: ‘Wa komde gij doen?’ ‘Ja,’ zegt-ie, ‘ik moet even iets aan mama vragen.’ Is toch mooi?”

“Net als kutwedstrijden heb je ook weleens kutoptredens. Ik heb een keer in een Eindhovens bejaardentehuis voor dementerenden opgetreden. Die mensen worden in een zaaltje gezet en die weten ook niet wat er komt. Ik maak dus heel rustige muziek, zeker solo. Zat een vrouw heel hard op tafel te slaan, een ander schreeuwde dat ze ermee op moest houden.
Een man vlak voor mijn neus zei na het derde nummer: ‘Waar zit ik nou naar te luisteren? Het is alleen maar geouwehoer!’
Ik zei: ‘Ja, sorry het is een soort praatzang.’
Na vier nummers zei hij: ‘Breng me maar naar mijn kamer.’
Ik: ‘Nou meneer Van Looi, ik denk niet dat we u terugzien na de pauze.’
Hij antwoordde: ‘Ge moet goed oefenen!
Er klonk instemmend gebrom uit de zaal. En dan moet je nog een uur.”

“Ik heb als ik zelf voetbalde vaak gedacht: Dat mensen hier naar gaan zitten kijken… Het is zó saai! Nou was ik geen voetballer die met een geweldige steekpass de boel openbrak. Dus ging ik maar een beetje jagen, de patronen doorbreken, gewoon als een jonge hond achter die bal aan. Zo kon je iets losmaken. Maar ik zie niemand nog iets opportunistisch doen. Denk dat het ook niet mag. Trainers hebben het alleen maar over ‘organisatie zus en zo’. Alsof het over een bedrijf gaat.”

“Zelfspot lijkt uitgestorven. Ronaldo, Neymar, Waylon, Blaudzun. Die zelfingenomenheid, ik kan er niet tegen. Maar ik weet ook: relativering is funest als je de top wil halen.”

“Mijn muziek is heel autobiografisch, maar voetbal komt er niet in voor. Vind ik niet interessant. Ik kan ook niet zeggen dat ik veel inspiratie kreeg van de PSVfans voor diepgaande songteksten. Ze zongen: ‘Doeleuh, Doeleuh, Doeleuh’.”

Clubs: PSV, Standard Luik, FC Twente, NEC Nijmegen.
Albums: ‘D’n Duvel Die Slaapt Nooit’, ‘Als De Wolven Janken’, ‘Caballero Zonder Filter’, ‘De Cowboy, De Outlaw, De Sheriff en De Hoer’.
Label: Val allemaal maar kapot ik doe het zelf wel-records.
Trivia: Van der Doelen voetbalde tussen 1994 en 2006 en werd met PSV drie keer kampioen. Sedertdien is hij muzikant, thans onder de naam Björn van der Doelen en de Huursoldaten (voorheen Allez Soldaat). Heul gevecht werd in 2011 verkozen tot Brabants Moiste (lied van het jaar). Vakblad OOR schreef recentelijk: “Van der Doelen ontpopt zich tot een Americana-artiest van formaat.”
Tourschema & merch: bjornvanderdoelen.com.
Lees ook
Rubriek

Shirtje kijken:
FC Twente

Grafisch ontwerper en voetbalshirtprofessor Floor Wesseling duikt voor SANTOS zo nu en dan een bijzonder shirt op uit zijn eindeloze verzameling. Dit keer is het een exemplaar dat de vrouwen van FC Twente droegen in 2016-2017. “Ik voorzie dat grote merken zich de komende jaren steeds meer zullen toeleggen op vrouwenvoetbal.”
Reportage

Pirlo and
the City

In de relatieve anonimiteit van New York City begon Andrea Pirlo in de Verenigde Staten aan een tweede leven. In sportief opzicht was het geen doorslaand succes, maar dat maakte het niet minder intrigerend. Koen van der Velden, onze man ter plaatse, volgde het spoor van de Maestro in de Big Apple.
Interview

Schoenen. Bal.
Veldje. Liefde.

Schoenen, een bal, een veld. Meer heeft een geboren voetballer niet nodig. Op verzoek van SANTOS vertelt Robin van Persie alles over de heilige drie-eenheid.
Beeldreportage

City vóór
de sjeik

Als vermaard rockfotograaf portretteerde Kevin Cummins (Manchester, 1953) de grootste muziekhelden op aarde, van Ian Curtis tot Mick Jagger en van Oasis tot The Smiths. De gezworen Manchester City-supporter maakte in 2003 óók een van de mooiste voetbalfotoboeken ooit: We’re not really here, over het laatste seizoen van City in Maine Road, het oude stadion in de volksbuurt Moss Side.
Interview

Het mooiste voetbal
volgens Dennis Bergkamp

Dennis Bergkamp, icoon van het kunstzinnige voetbal, neemt plaats op de praatstoel. Wie inspireerden de jonge Dennis? Wie vervoeren de huidige Bergkamp? “Kopieergedrag ergert me, kopiëren leidt tot mislukken, omdat een kopie nooit zo goed is als het origineel.”
Reportage

Op pad met
lotingkoning
Heinrich Welling

Eigenlijk is Heinrich Welling competitieplanner en coördinator wedstrijdzaken bij de KNVB, maar Nederland kent hem als de snordragende ‘baas der balletjes’ tijdens bekerlotingen. Hij doet ze overal in het land, ook voor jeugdcups, ruim twintig keer per seizoen. “Roep het maar lekker hard, Mathijs!”