De ziel van VVV-Venlo: hangen in de reclameborden en skiën op dé trap

Woord: Redactie SANTOS
Gepost: 11-10-2018
Op zoek naar de ziel van onze achttien Eredivisie-stadions vragen SANTOS en de Eredivisie CV een legertje insiders, van een beetje bekend tot heel bekend, wat hun club voor hen betekent. Dit keer voormalig international Stan Valckx (1963) over waarom hij zo verknocht is aan De Koel, het stadion van VVV-Venlo dat hij kent als supporter, jeugdspeler, speler van het eerste elftal en tegenwoordig manager voetbal.

Beeld: Marco Magielse

Cultureel erfgoed (1)
“Eén mooiste plekje van De Koel kan ik niet benoemen, juist omdat het geheel zo’n bijzondere sfeer geeft: de trap, de ongelijke tribunes, het standbeeld van VVV-icoon en 57-voudig international Jan Klaassens vlak bij de ingang; alles bij elkaar is De Koel zo langzamerhand cultureel erfgoed aan het worden.”

Vroegste herinneringen
“Ik heb tegenwoordig mijn kantoor in De Koel, maar ken deze plek ook als speler van het eerste, jeugdspeler en supporter. Ik kom uit een echte voetbalfamilie, mijn vier broers en vader waren al net zo voetbalgek als ik, en groeide op in Arcen, op zo’n twaalf kilometer van Venlo. VVV was onze club en met mijn vader of een buurman gingen we geregeld kijken. Wat ik me daarvan vooral herinner, meer nog dan de wedstrijden, zijn onze plekken: mijn vriendjes en ik zaten eigenlijk nooit op de tribune, maar klommen steevast in de reclameborden aan de lange zijde. Zitplaatsen waren er namelijk nog niet zoveel en als 12-jarige op de staantribune tussen al die lange mannen zag je natuurlijk helemaal niets. Dan maar de boarding in dus. Daar kwamen we vaak pas na negentig minuten weer uit.”

Kun je geen genoeg krijgen van de cultuur van de tribune in al zijn facetten? Wij ook niet. We wijdden er zelfs ons laatste nummer aan, SANTOS #09: NAAR HET STADION. Bestel ’m hier, of ren naar de winkel.

Favoriete trapanekdote
“Als je De Koel zegt, dan zeg je natuurlijk ook de trap. Die ben ik ontelbare keren op- en afgelopen. En geskied, natuurlijk. Dat was ergens in de jaren tachtig, toen het flink had gesneeuwd en trainer Sef Vergoossen had bedacht dat we die dag zouden gaan langlaufen in plaats van de reguliere training. Het was voor mij de eerste keer op ski’s, de langlaufski’s die ik van mijn broer had geleend in dit geval, net als voor de meeste spelers. Middenvelder Remy Reynierse had wel al wat ervaring en riep op een gegeven moment: ‘Kom, we gaan de trap af!’ Wij met z’n tweeën naar boven geklommen, daar die ski’s onder. ‘Ga jij maar eerst’, zei Remy. Ik naar beneden, maar man, dat is steil hoor, je gaat pijlsnel! Ik kon maar net het toilethuisje ontwijken en kwam uiteindelijk veertig meter verder, achter de goal, tot stilstand. Dat ging niet helemaal goed; mijn ski’s waren gebroken, maar ikzelf had gelukkig niets. Gekkenwerk eigenlijk. En Reynierse? Ik geloof niet dat hij nog is gegaan...”

Cultureel erfgoed (2)
“Er wordt volop verbouwd in en rondom De Koel, van de parkeerplaats tot de tribunes, en dat is hoog nodig ook. We moeten met de tijd mee om ook op sportief vlak stappen te blijven zetten. Maar wees gerust, de verbouwing vindt plaats in fases, stapje voor stapje, en we gaan echt niet ineens de trap weg doen of zo. De Koel blijft gewoon De Koel; het stadion raakt zijn ziel heus niet kwijt.”

De veelbesproken sneeuwwedstrijd uit 1987, VVV-Venlo-Ajax.

Ultiem stadiongeluk
“Wat nou de mooiste wedstrijd is die ik in al die jaren heb meegemaakt? Het ligt voor de hand om de sneeuwwedstrijd in 1987 te noemen, toen er een dik pak sneeuw lag en we Ajax met 3-0 versloegen. Maar ik weet niet of die wedstrijd me nu als eerste te binnenschiet omdat die nog zo vaak wordt genoemd, of omdat het nu echt de meest speciale was. Uniek was die overwinning namelijk niet, we wonnen in die jaren wel vaker van Ajax en eindigden twee keer op rij als vijfde in de Eredivisie. Ja, wat dat betreft doet die goede start van nu daar wel aan denken. Zoiets las ik laatst ook in De Limburger: ‘Oude tijden herleven in De Koel’. Toen zat het alleen wel wat voller dan nu, 10.000 toeschouwers was geen uitzondering. Het zou mooi zijn als we die volle tribunes nu ook weer voor elkaar krijgen, dat verdient deze ploeg.”

Fotograaf en stadionfetisjist Marco Magielse reist deze maanden langs alle achttien Eredivisie-stadions, waaronder dat van VVV-Venlo. Klik hier voor het misschien wel meest fotogenieke stadion van Nederland door de lens van de misschien wel beste voetbalcultuurfotograaf van Nederland.

Lees ook
Overig

Ernst Happel
terug in Rotterdam

Wilfried de Jong laat Ernst Happel (1925-1992) voor heel even terugkeren op aarde. “Ach meiner Junge, das war einmal.”
Binnendoor

Danny
Koevermans

“Een goede amateurclub is de ideale samenleving. Als jij niks te doen hebt in je vrije weekeinde en je wilt wat aanspraak, ga je lekker naar je club. Bakkie koffie, beetje kletsen, even de B1 kijken in de ochtend, daarna het eerste, daarna een drankje. In een voetbalkantine kun je altijd terecht.”
SANTOS SPECIAL: 100 JAAR BEKERVOETBAL

Ooit winnen
wij ’m

Voor iedere supporter van een kleine club is de KNVB Beker de heilige graal, een obsessie, de ultieme beloning voor jarenlange trouw. Totdat je – zoals bijna altijd – roemloos wordt uitgeschakeld. Dan wil je er acuut niets meer van weten, van die verdomde beker. Een essay van Sjoerd Mossou.
SANTOS #04: DE KLASSIEKER

Allebei rood-wit,
toch oneindig anders

Ajax en Feyenoord koesteren hun zo herkenbare clubtenue, beroemd tot in alle uithoeken van de wereld. Maar wat vertelt het shirt over de identiteit van beide clubs – en wat over De Klassieker? Op zoek naar sentiment, smaak en schoonheid.
Reconstructie

Feyenoorder Cruijff
en de vier
klassiekers

Juist in het seizoen (1983-1984) dat Ajax en Feyenoord vier keer tegen elkaar speelden, kwam Johan Cruijff uit voor de club uit Rotterdam. Een reconstructie van het klassieke kwartet door de ogen van directbetrokkenen.
SANTOS #08: MESSI'S MISSIE

De dribbelkunst van
Lionel Messi
volgens Jan Mulder

Probeer de ongeëvenaarde dribbelkunst van Lionel Andrés Messi eens groots te duiden, vroeg SANTOS aan Jan Mulder. Dat lukte met verve, al vond Jan zelf van niet. “Messi heeft ons dribbels geschonken die je met de uitvinding van Johannes Gutenberg, en Laurens Janszoon Coster zo u wilt, niet kunt duiden aan de nabestaanden van SANTOS-lezers. Je moet het hebben gezien.”