Leo Beenhakker

Woord: Bart Vlietstra
Gepost: 02-08-2019
Leo Beenhakker
2 augustus 1942, Rotterdam
Oud-trainer/-technisch directeur

Beeld: Lennaert Ruinen
Eerder verschenen in SANTOS #09, september 2018.

“Ik ga nog steeds graag naar het stadion. Soms een keertje naar Go Ahead, naar Sparta, Excelsior, laatst was ik bij Cambuur. Voor de uitreiking van een boek ben ik naar Veendam gereden. De Langeleegte staat er nog steeds. Wordt helaas niet meer gevoetbald, maar je voelt de historie. Elk stadion heeft zijn eigen gevoel, zijn eigen geur, zijn eigen type clubmensen en supporters. Dat blijft me trekken. Ik kom zelfs weer in De Kuip.”

“Ik ging voor het eerst naar De Kuip een jaar of vijf na de oorlog. De stad was in opbouw. Ze hadden nogal een rommeltje achtergelaten, onze buren. Ik woonde bij de Pleinweg, moest de hele Strevelsweg aflopen. Pleuriseind. Maar aan het eind zag je in de verte die luchtbrug. Ging het al kriebelen, want daar liepen steeds meer mensen.”

“De hand van mijn vader begeleidde me. Hij zat in de glashandel, speelde bij amateurclub TeDiRo, Technische Dienst Rotterdam. Pure liefhebber, net als ik. Meestal stond ik op een bankie achter de goal en zag dus vooral de rug van doelman Henk Bijl. Had mijn vader een goede week, dan stonden we aan de lange zijde. Kon je ‘opoe’ Van de Korput langs de lijn zien rennen. Schitterend.”

“Je kon uiten dat je voor je cluppie was, ook al liep je in een andere stad. Ajax- en Feyenoord-fans wandelden samen naar De Kuip, zaten bij elkaar in een vak. Soms hoorde je ‘Hup Ajax!’. Dan probeerde je nog harder ‘Hup Feyenoord!’ te roepen en dan was het weer klaar.”

“Mijn diensttijd vervulde ik in Woensdrecht, tegen de Belgische grens aan. Feyenoord speelde in de Europa Cup een beslissingswedstrijd tegen Vasas Boedapest, in Antwerpen op een doordeweekse avond. Ik moest en zou ernaartoe, achterlijke idioot die ik was. Met burgerkleding onder mijn legeruniform ging ik weg. In de bosjes omgekleed. Met de bus helemaal naar Antwerpen. Niet voor niets. Rinus Bennaars gooide hem er van dertig meter in. We waren door! Ik was te laat terug en kreeg een week ‘licht arrest’, wat betekende dat je achter de wacht moest slapen in plaats van met je maten op de kamer. Had ik er lachend voor over.”

Zeg, dit moet geen sentimenteel ouwelullenverhaal worden, hoor. Daar zit ik helemaal niet op te wachten.
Leo Beenhakker

“Feyenoord-Volewijckers 11-4 heb ik gezien, met negen goals van Henk Schouten. Feyenoord-Real Madrid met de hazenjacht op Miera, omdat die Coentje Moulijn had aangepakt. Hans Venneker was mijn maatje, die zat op de scooter achterop naar het CIOS in Overveen. Hij begon als keeper, schoof steeds verder naar voren en scoorde opeens vijf keer tegen Ajax. Ik wilde ook zo dichtbij komen. Op de een of andere manier.”

“Op mijn 26ste was ik jeugdtrainer, hulptrainer, verzorger en masseur bij Go Ahead. Opeens lag die lange Van Zoghel languit. Ging ik met mijn waterzakkie en wonderspons dat veld op. Geen hond die op me reageerde. Maar ik was blij. Daar liep ik toch maar mooi.”

“Ik werk op gevoel. Dat vinden een hoop mensen raar, maar dat moeten die hoop mensen lekker zelf weten. Club América is het mooiste voorbeeld. Nederlandse trainers gingen niet naar Mexico. Maar ik was al in Amerika voor het WK ’94 met de NOS toen ze me benaderden, dus ik ging erheen. Eerst naar een prachtig trainingscomplex op een oude haciënda, waar je zo een cowboyfilm met muziek van Morricone kon opnemen. Daarna naar het Estadio Azteca. Ik ging de thuiskleedkamer in. En ik voelde: Maradona was er nog. Vlak na dat handje in de wedstrijd tegen de Engelsen, op het WK ’86, die werd gespeeld in het Azteca. Zwéér het je. Heb meteen getekend.”

“Dat heb ik ook met De Kuip: Moulijn is er nog, Israël is er nog, Van Hanegem is er nog, Bennaars is er nog, Beertje is er nog, Kerkum is er nog, Blankemeijer is er nog. Ik vóél dat. Er gebeurt iets met me. Weerloos ben ik.”

Zeg, je maakt er echt geen sentimenteel ouwelullenverhaal van, hè? Fijn, dank je.
Leo Beenhakker

“Ik heb ook een emotionele binding met Ajax. Dat durf ik rustig te zeggen. Ik heb er drie periodes fantastisch gewerkt, ben er ook een keer vervelend weggegaan. Maar het is een geweldige club. Qua beleving ligt het niet ver uit elkaar. Zeker toen Ajax in De Meer speelde, met het publiek in de nek. Tscheu La Ling die in het hoekje ging goochelen en de hele Jack Reynolds-tribune die uit zijn dak ging; gewéldig. Geeft me ook een heel warm gevoel als ik daaraan denk. En als dat gek is, dan ben ik maar gek.”

“Feyenoord is er met de paplepel ingegoten, maar mijn drijfveer was: een groep coachen, spelers beter maken. Kijk, het wordt nu toch een sentimenteel ouwelullenverhaal, maar goed... Ik heb van mijn spelers gehóúden. Ik houd nog steeds van ze. Zeg mij geen kwaad woord over Lerby, Arnesen, Schoenaker, Tahamata, Ling. Ik heb er alles wat ik had ingestoken en zij gaven altijd alles terug. Ik was gek met Bobby Haarms en Ruud Krol; ras-Ajacieden. Dat gaat bij mij dieper dan de ‘antigevoelens’ waar veel Feyenoord- en Ajax-supporters last van hebben.”

“Voetbal is een spiegel van de maatschappij. Als de maatschappij verandert, als het gewelddadiger wordt op straat, zie je dat automatisch terug in het stadion.”

“Als Ronald Koeman, Leo Beenhakker, Kenneth Vermeer, Arnold Scholten of Johan Cruijff heel goed presteren bij Feyenoord, dan zijn al die Ajax-sentimenten waar in het begin zo moeilijk over werd gedaan ineens vergeten. Maf is dat.”

“Ik heb in 1997 mijn eigen afkoopsom bij Vitesse betaald om trainer te kunnen worden van Feyenoord en zeg, met de hand op mijn hart, dat het mijn best bestede drie ton ooit zijn geweest. De kampioenswedstrijd in 1999 met Feyenoord was niet al te best. We waren een ietsepietsje zenuwachtig, geloof ik. Maar anderhalf uur na die draak van een wedstrijd stonden er 250.000 mensen op de Coolsingel. Dat vind ik ongelooflijk. Nog steeds.”

“Elke morgen stond ‘mijn elftalcommissie’, een stuk of 25 gepensioneerden, naast De Kuip klaar. Liep ik van het veld af en zei ik: ‘Hebben jullie de opstelling al voor zondag, hoe gaan we het doen?’ Ging je een beetje in discussie. Dat schiep een band. Voetbal is van iedereen, vind ik. Ik snap best dat je soms besloten wilt trainen op een of ander truukie met een corner. Ik weet heus dat als je erg in de belangstelling staat, spelers het lekker vinden om even in alle rust te trainen. Maar de kracht van voetbal is het publiek. Het is beter ze erbij te betrekken.”

“In een nieuw stadion kost het een aantal jaren voordat het goed voelt. Luister, je kan een heel mooi huis kopen, maar dan is het nog geen thúís. Ik heb qua behuizing nooit iets te klagen gehad in Madrid, Mexico of Polen. Villa’s, bungalows, stijlvol gemeubileerd. Maar ik zat altijd bij mezelf op visite. Dat is ook zo met een nieuw stadion. Ik werkte bij Ajax toen ze net in de Arena zaten en ik heb dat als heel kil ervaren. Dat merkte je aan het publiek, de aankleding, de geluiden, de geur. Het is mooi, maar het is niet van jou. Ik houd mijn hart vast voor het nieuwe stadion van Feyenoord.”

“In Polen vroeg ik op de scoutingvergadering eerst naar het resultaat van Real Zaragoza. Op Trinidad probeerde ik te achterhalen of Cambuur de nacompetitie nog ging halen. Alle clubs waar ik gewerkt heb, zitten in mijn hart.”

Luister, je kan een heel mooi huis kopen, maar dan is het nog geen thúís. Ik houd mijn hart vast voor het nieuwe stadion van Feyenoord.
Leo Beenhakker

“Ik ging in 2000 weer naar Ajax als technisch directeur. In mijn kantoor hing een foto van mezelf met de schaal op de Coolsingel. Cristian Chivu, die toen aanvoerder was, kwam binnen en ging uit zijn dak: ‘Godverdomme, dat kunt u niet maken!’ Ik zei tegen hem: ‘Als jullie kampioen worden, dan haal ik hem weg.’ Toen ze kampioen werden, kwam hij de maandag erop gelijk naar boven, die bijgoochem. Hij stak zijn kop om de deur, wilde zijn bekkie al opentrekken, maar daar hing hij al: een foto van Chivu met de schaal. Hij wist niet wat-ie moest zeggen.”

“De impact van voetbal is reusachtig. Er kwam een keer een staatssecretaris van in de vijftig van een heel belangrijk departement op me af. Die vroeg of hij als-je-blieft op de foto mocht met Georginio Wijnaldum, een pikkie van achttien jaar.”

Ik ben een jaar lang een kakkerlak genoemd in Amsterdam en een pleurisjood in Rotterdam. En niet alleen door simpele zielen.
Leo Beenhakker

“Toen ik in 2007 terugkeerde bij Feyenoord als interim-coach, sloeg men mijn schouders weer kapot. Zelfs toen we het in de play-offs niet redden. Dat is niet hypocriet, dat is opportunisme. Ik snap hoe ze denken. Ik denk er wel wat van, maar ik ben niet haatdragend.”

“Ik ben een jaar lang een kakkerlak genoemd in Amsterdam en een pleurisjood in Rotterdam. En niet alleen door simpele zielen, maar ook door intelligente mensen met een leidinggevende baan bij een groot kantoor. Kun je zeggen: ‘Dat hoort erbij als je overstapt.’ Maar dat ís niet normaal. Die verhitting moet eraf.”

“Ik heb bij geen club die ik getraind heb of heb proberen te helpen nare gevoelens. Bij Go Ahead kreeg ik het niet op de rit als hoofdcoach, na negen maanden was het klaar. Ik ga er nog graag heen. Bij Feyenoord kom ik dus ook weer, hoewel ik daar echt helemaal niet leuk wegging in 2009. Ga ik ook niet meer oprakelen. Maar het kostte me veel moeite. De liefde voor de club overwon. Ha, hoe sentimenteel wil je het hebben! Maar het is toch echt zo.”

Clubs als trainer: SV Epe (1965-1967), Go Ahead (assistent, 1967-1968), BV Veendam (1968-1972), SC Cambuur (1972-1975), Go Ahead Eagles (1975-1976), Feyenoord (jeugd, 1976-1978), Ajax (1978-1981), Real Zaragoza (1981-1984), FC Volendam (1984-1985), Real Madrid (1986-1989), Ajax (1989-1991), Real Madrid (1991-1992), Grasshoppers (1992-1993), Club América (1994-1995), Istanbulspor (1995), Chivas Guadalajara (1996), Vitesse (1996-1997), Feyenoord (1997-2000), Club América (2003-2004) en Feyenoord (interim, 2007).
Als bondscoach: Nederlands elftal (1985-1986 en 1990), Saoedi-Arabië (1993-1994), Trinidad & Tobago (2005-2006) en Polen (2006-2009).
Clubs als technisch directeur/commissaris/adviseur: Ajax (2000-2003), De Graafschap (2004), Feyenoord (2009-2011) en Sparta (2013-2015 en 2017-2018)

Genoten van dit verhaal? Overweeg dan eens supporter te worden van SANTOS, dan kunnen wij zulke verhalen blijven maken en krijg jij vier keer per jaar ons magazine thuisbezorgd. Klik hier om je aan te melden, krijg je er nog de nieuwste verhalenbundel van Wilfried de Jong bij ook.

Lees ook
Reconstructie

De dag dat filmster
Jayne Mansfield
Het Kasteel veroverde

Uit het niets stond ze daar op het veld, Jayne Mansfield, de Amerikaanse seksbom, voorafgaand aan de Eredivisiewedstrijd Sparta-DOS in 1957. Het had nogal wat impact op Het Kasteel, vooral op vedette Rinus ‘De Rots’ Terlouw.
SANTOS #04: DE KLASSIEKER

Gaston
Taument

“Ik train meerdere teams, maar het liefst zou ik alleen techniektraining geven aan de allerkleinsten. Die het voetbal nog aan het ontdekken zijn, die staan te stampvoeten als de training niet doorgaat door de regen, die vol trots vertellen over hun doelpuntjes in het weekeinde. Geen contractgedoe, geen zaakwaarnemers of scouts van Engelse clubs met tassen geld eromheen. Dat is de essentie. Dat is geweldig.”
Overig

Ciao, Marco

Zijn afscheid in San Siro op 18 augustus 1995 voelde zo ongelooflijk, dat de toen zestienjarige Sjoerd Mossou besloot het niet te geloven. Marco van Basten was zijn held, en helden stopten niet. Hij was pas dertig, godverdomme.
Beeldreportage

De vlucht van
scheidsrechter Pijper

Bij het grasduinen in de beeldbanken stuitten we op een aantal fascinerende foto’s van de wedstrijd NAC-Ajax van 16 september 1973. Of eigenlijk: van ná de wedstrijd, toen scheidsrechter Henk Pijper – die in de laatste seconden de 3-3 van NAC afkeurde – op de vlucht moest voor ontstemde NAC-supporters. Kijk en verwonder uzelf (en let vooral op die politiehond en de ‘vluchtauto’, in allerijl gecharterd nadat de deur van een politiewagen niet open ging).
SANTOS #10: Voetbalreisgids

Tien tips
voor de ideale
voetbaltrip

Nu het nieuwe voetbalseizoen in alle hevigheid is losgebarsten en de Nederlandse ploegen in Europa hun tegenstanders kennen, kunnen de voetbaltripjes weer worden geboekt. De redactie van SANTOS geeft reisadvies.
SANTOS #11: HUP VROUWEN

Retro
Jackie

SANTOS houdt van nu, maar ook heel erg van vroeger. Dus toen we een nummer gingen maken over vrouwen en voetbal, leek het ons tof om een OranjeLeeuwin te hijsen in onze favoriete voetbalshirts van weleer. En wie konden we daarvoor nu beter vragen dan Jackie Groenen, de spelbepaler van het Nederlands elftal met een voorliefde voor al wat retro is?