Reuzendoders

Woord: Nik Kok
Gepost: 18-12-2019
Ze werkten die week, soms zelfs dezelfde dag nog, als klusjesman, fysiotherapeut, worstenmaker of op de markt. De uitschakeling van een profclub in het KNVB-bekertoernooi bezorgde deze amateurvoetballers landelijke faam. Nog steeds worden ze erop aangesproken. “Zo blijft het sprookje in leven.”

Beeld: Lennaert Ruinen
Eerder verschenen in SANTOS #07, april 2018.

Fysiotherapeut Leon Krznaric (1989) speelde in 2014 met SV Deltasport Vlaardingen tegen Willem II en maakte het winnende doelpunt (2-1).

“Onze trainer zei dat ik als verdediger ook naar voren moest toen we een vrije trap ergens aan de zijkant van het veld kregen. Ik dacht dat hij gek was geworden. Het was aan het eind van de wedstrijd en we waren helemaal op. Achteraf was het logisch, bedacht ik me. Een verlenging hadden we niet overleefd. De bal kwam zomaar voor mijn voeten en ik werkte de bal achter Kostas Lamprou. Mijn eerste goal voor Deltasport en dan zo één! Ongelooflijk toch?”

“Het was sowieso al een verrassing dat ik speelde. Mijn concurrent schoot in de laatste training voor de wedstrijd nog een paar ballen op doel en scheurde daarbij zijn achillespees af. Superlullig voor hem. Willem II dacht het tegen ons te kunnen doen met wat reservespelers. Later kwam Samuel Armenteros er nog in.”

“Ook ongelooflijk: ik liep destijds stage bij een fysiotherapiepraktijk en de eerste patiënt die daar de dag na de wedstrijd binnenkwam, had een Willem II-shirt aan. Hij had niets door. Ik heb hem verteld van de vorige avond. Hij wilde direct met me op de foto. In de maanden erna ben ik nog vaak Willem II-supporters tegengekomen. Op vakantie bijvoorbeeld. Ze herkenden me. En ja, dan moest ik op de foto natuurlijk.”

Patrick Scheurwater (1971), momenteel werkzaam bij een postorderbedrijf, maakte bij zijn club VV Noordwijk deel uit van dezelfde talentvolle lichting als Edwin van der Sar. Hij scoorde in 1997 twee keer in de met 3-1 gewonnen bekerwedstrijd tegen FC Utrecht.

“Bij FC Utrecht was toen net Hans van Breukelen werkzaam als technisch directeur. Hij wilde met Utrecht de top drie uitdagen, had er een heel plan voor geschreven: FC Utrecht werd de Challenger. Nou, toen moesten ze dus tegen ons, jongens die het voetbal erbij deden.”

“Het bekertoernooi had toen van die poules. We waren al uitgeschakeld voor de volgende ronde, terwijl Utrecht aan een gelijkspel genoeg had om zich te plaatsen. Toch zat het sportpark bomvol. Ik denk dat er iets van 1.500 toeschouwers waren. Bij Utrecht voetbalden toen spelers als Michael Mols, Rob Witschge en John van Loen.”

“Ze zaten na afloop helemaal stuk. Bij ons was het feest, zoals het bij Noordwijk altijd wel feest was. We speelden bovendien op zaterdag. Zondag waren we lekker vrij. Maandag op de worstenmakerij was ik weer fris.”

“Toen FC Utrecht laatst tegen VVSB speelde in de strijd om de beker, werd ik ook geïnterviewd door iemand van hun website. Nu bel jij weer. Zo blijft het sprookje in leven.”

Klusjesman Bogdan Constantin (1988) speelde in 2017 met AVV Swift tegen bekerhouder Vitesse, hield de Arnhemmers op 0-0 en stopte vervolgens in de penaltyserie de beslissende strafschop van Alexander Büttner.

“Nadat we met Swift wonnen van Vitesse, duurde het nog zeker tweeënhalf uur voordat ik de kleedkamers weer kon opzoeken. Op het sportpark was iedereen gek geworden. We waren de eerste amateurclub die de bekerhouder had uitgeschakeld. Er stonden ook allemaal kinderen en één van die kinderen kreeg ik zo in mijn armen geduwd. De volgende dag stond er in De Telegraaf dat ik de overwinning met mijn zoontje aan het vieren was. Toen moest ik mijn vriendin even wat uitleggen.”

“Het was in die dagen erna best leuk om voor even beroemd te zijn. Om in de Albert Heijn herkend te worden en om aangesproken te worden door mijn buren, die ik daarvoor nog nooit had gesproken. Zelfs een taxichauffeur wist wie ik was.”

“Ik ben geboren in Roemenië en heb nog nagekeken of daar wat over onze overwinning in de kranten stond. Zou toch leuk zijn. Er stond namelijk zelfs iets over in een Engelse krant. Maar in Roemenië... niks. Ach, dat geeft ook niet.”

“Voor een keeper is het allemaal een stuk makkelijker, hè, zo’n strafschoppenserie. Zelfs als een voormalig speler van Manchester United een strafschop tegen je neemt. Je kunt alleen maar winnen.”

Maikey Parami (1994), momenteel werkzaam voor een vertaalbureau, velde in 2016 FC Den Bosch met een treffer (2-3), waardoor zijn club VVSB zich plaatste voor de kwartfinales van het bekertoernooi.

“Ik dankte mijn korte populariteit misschien nog het meest aan mijn interview ná de wedstrijd. Toen vertelde ik dat ik de volgende dag in de HEMA moest werken. In de kleedkamer zeiden mijn ploeggenoten al tegen me dat ik viral ging.”

“Ik moet erom lachen dat mijn naam een soort van begrip is geworden in Nederland. Ik speelde laatst op AD.nl een voetbalquiz en toen kwam ik daar zelf in voor. Dat is toch mooi? Hoe heette de bekerheld van VVSB die FC Den Bosch ooit velde? Maikey Parami dus. En laatst nog werd ik door de KNVB uitgenodigd voor een bekerevenement.”

“Maar mijn leven is ook weer verder gegaan natuurlijk. Ik werk allang niet meer in de HEMA. Volgend jaar ga ik aan een nieuwe hbo-opleiding beginnen. Ik heb wel veel bewaard. Mijn vrouwtje heeft alle artikelen uitgeknipt die die dagen over mij verschenen in de kranten. Op mijn telefoon heb ik filmpjes staan van die tijd.”

“Het blijft heel bijzonder, amateurs die profs kunnen verslaan. Als amateur zet je toch een stapje extra tegen die jongens. En voor profs blijven het rotwedstrijden. Ze kunnen alleen maar verliezen.”

Paul Bremer (1967), thans specialist werktuigbouw, won in het seizoen 1991-1992 met VV Rheden twee keer achter elkaar van een profclub. Eerst werd FC Zwolle verslagen: 0-2. In de derde ronde was Rheden te sterk voor FC Twente (2-1). In beide duels scoorde Bremer één keer.

“We hadden destijds een behoorlijk team met best wat voormalige profs. Ik heb zelf nog bij FC Wageningen gevoetbald. Het was gewoon lastig voetballen tegen ons. Bijzonder was wel dat het duel met FC Twente zondagavond werd uitgezonden bij Studio Sport.”

“Ik werkte toen bij AkzoNobel. Mijn collega’s hadden niet per se allemaal iets met voetbal, maar dat er dat weekeinde een amateurvereniging van een profclub had gewonnen, wisten ze wel. Het was die dag hét gesprek bij de koffieautomaat.”

“FC Twente speelde toen met Ronald de Boer, Youri Mulder en Jan van Halst, maar ik vormde bij Rheden een razendsnel spitsenkoppel met Rick Talan (voormalig speler van AZ’67, Cercle Brugge, HFC Haarlem en Vitesse, red.). We speelden écht goed en hun trainer Theo Vonk raakte zo geïrriteerd over het spel van zijn eigen ploeg, dat hij mijn directe tegenstander Clemens Zwijnenberg al na een kwartier naar de kant haalde. “

“Nadat Mulder net na rust 2-1 maakte, drukten ze ons ver terug. Uiteindelijk hebben we het gered. Het was feest na afloop, maar het sportpark werd nou ook weer niet helemaal afgebroken, zoals je nu weleens ziet als amateurs van profs winnen. We speelden dus niet alleen als profs, we vierden het zelfs zo!”

Jaan de Graaf (1955), marktkoopman, won in het seizoen 1974-1975 met VV IJsselmeervogels van de profs van SC Amersfoort (4-1), FC Groningen (2-1) en AZ ’67 (2-2, winst na strafschoppen) en reikte tot de halve finale van het bekertoernooi.

“Eén keer per week trainden we toen. Soms twee. En dan spelen tegen profs die elke dag op het veld staan. Stonden we bij rust met 2-0 voor tegen AZ, zeiden we tegen elkaar dat het dan wel 5-2 voor AZ zou worden. Terwijl we nog snel een peuk rookten. Tegenwoordig is het verschil tussen profs en amateurs veel kleiner. Die bekeroverwinningen van ons zijn legendarisch geworden, omdat het nooit voorkwam. Elk jaar komen ze nog langs hier als een amateurclub het goed doet. Camerateams, krantenjournalisten. Er is zelfs een documentaire gemaakt. En zelf organiseren we ook geregeld een reünie met de mensen van de club die toen meededen.”

“We werden gewoon sportploeg van het jaar toen, hè. IJsselmeervogels was ook gewoon goed. Veel jongens konden zo mee in de Eredivisie, maar dat gebeurde niet, omdat we weigerden op zondag te voetballen. De wedstrijd tegen AZ ’67 moest op donderdag worden gespeeld, omdat het woensdag biddag was.”

“Een beetje geluk hadden we wel bij de thuiswedstrijden. De profs konden niet goed tegen de harde wind die er bij ons altijd waaide. Wij waren het gewend, anticipeerden erop.”

Genoten van dit verhaal? Overweeg dan eens supporter te worden van SANTOS, dan kunnen wij zulke verhalen blijven maken en krijg jij vier keer per jaar ons magazine thuisbezorgd. Klik hier om je aan te melden, krijg je er nog de nieuwste verhalenbundel van Wilfried de Jong bij ook.

Lees ook
SANTOS #14: Engeland special

De keeper, de kopbal,
de redding, de hond
en de duik

Ze mogen zich voor van alles op de borst kloppen, maar de beste voetballer aller tijden komt niet uit Engeland. De beste doelman wellicht wel. Of in ieder geval: de keeper met de meest legendarische save(s) aller tijden. Wilfried de Jong over Gordon Banks (1937-2019), de doelman die net zo gemakkelijk een zwerfhond klemvast nam als een kopbal van Pelé uit zijn goal ranselde.
SANTOS #14: Engeland special

De meest eigenwijze club van Engeland

De kleine non-league club Lewes FC overleefde een bijna-faillissement en geldt tegenwoordig als een voorbeeld voor andere clubs. Hoe? Door alles nét even anders te doen dan de rest. “We zijn niet tegendraads om het tegendraads zijn. We willen gewoon het goede doen.”
SANTOS SPECIAL: 100 JAAR BEKERVOETBAL

Ooit winnen
wij ’m

Voor iedere supporter van een kleine club is de KNVB Beker de heilige graal, een obsessie, de ultieme beloning voor jarenlange trouw. Totdat je – zoals bijna altijd – roemloos wordt uitgeschakeld. Dan wil je er acuut niets meer van weten, van die verdomde beker. Een essay van Sjoerd Mossou.
SANTOS #11: HUP VROUWEN

Being
Hélène
Hendriks

Ze is geliefd in de voetbalwereld, FOX-verslaggeefster en Veronica-presentatrice Hélène Hendriks, zo blijkt tijdens een lange avond meelopen door Zwolle. Maar toch ook weer niet bij iedereen. “Als ik negatieve opmerkingen niet moeiteloos van me kon laten afglijden, zou ik echt een zwaar leven hebben.”
Reportage

Op pad met
lotingkoning
Heinrich Welling

Eigenlijk is Heinrich Welling competitieplanner en coördinator wedstrijdzaken bij de KNVB, maar Nederland kent hem als de snordragende ‘baas der balletjes’ tijdens bekerlotingen. Hij doet ze overal in het land, ook voor jeugdcups, ruim twintig keer per seizoen. “Roep het maar lekker hard, Mathijs!”
SANTOS #05: SING WHEN YOU'RE WINNING

Hij is een vriend
van Van Swieten

Een goed spreekkoor is bij voorkeur droogkomisch, makkelijk mee te zingen en een tikkeltje infantiel. Het perfecte tribuneliedje ontstaat spontaan, het valt niet voor te koken of te regisseren. Sjoerd Mossou op zoek naar de ziel en rafelrandjes van het Nederlandse spreekkoor.