Voor gek verklaard

Woord: Bart Vlietstra
Gepost: 23-04-2019
SANTOS #11 gaat over alle soorten voetbalvrouwen die je maar bedenken kunt. Dus ook over die vrouwen voor wie het om uiteenlopende redenen onvoorstelbaar was dat ze de voetbalschoenen aantrokken, maar voor wie de bal bleef lonken, en dat immer zal blijven doen. Maak kennis met ​Conny - voorheen Coen - Koreman.

Beeld: Lodewijk Duijvesteijn

Conny Koreman (64) heette vroeger Coen Koreman. Op haar 49ste vond in metaforische zin de wissel plaats: Coen eruit, Conny erin. Voetbal behield zijn basisplaats.

Ook toen er diverse malen uitzaaiingen van een kwaadaardig melanoom werden gevonden. Ze mist een deel van haar rechterlong na de operatieve verwijdering van twee tumoren. Daardoor kampt ze nu met de longaandoening COPD. Maar de vaste trainingsavond bij de Amsterdamse amateurclub JOS Watergraafsmeer zegt ze zelden af. “De eerste tien minuten klinkt het of er iemand aan het doodgaan is”, vertelt ze met pretogen in haar appartement in Amstelveen. “Pas als de training bijna ten einde is, kom ik op stoom. Dat is het beste gevoel. Vooral als we nog even gaan afwerken. Zo’n bal ineens uit de lucht in de bovenhoek rammen, heerlijk!”

Conny Koreman kan aardig voetballen. Dat viel Ajax al op toen ze tien jaar was en nog Coen heette. Coen, die praktisch naast het oude Ajax-stadion De Meer opgroeide, kreeg een uitnodiging voor een proeftraining. Vader Koreman gloeide van trots, maar moeder Koreman stak haar vinger op. Kwam niets van in. Ajax voetbalde op zondag en zondag was de dag van de Heer.

Dat was de eerste tegenslag. De volgende volgde vier jaar later, toen er tijdens een potje schoolvoetbal een ruggenwervel verschoof. Coen zat in de groei en mocht viereneenhalf jaar niet bij een club voetballen. Straatvoetbal op het Galileïplantsoen vergoedde veel. Coen was er een graag geziene gast; goede voetballer, altijd zijn woordje klaar. “Ik voelde al op mijn achtste dat ik anders was, vrouwelijker. In huis liep ik al snel in jurken. Buitenshuis hing ik de bescheiden macho uit, als een soort dekmantel.”

Een andere jongen die vaak meedeed, de drie jaar oudere, latere profvoetballer en topcoach Louis van Gaal, was stiller. Conny: “Al die bijdehante straatvoetballers waren snel met bijnamen: ‘Zure’, ‘Goede’, ‘Geitenbekkie’. Louis werd ‘Piegem’ genoemd, een soort van lulletje rozenwater.”

Met zijn hoofd maakte de jonge Louis destijds vooral indruk als hij ging koppen. “Kon-ie geweldig. Een kwartier lang, als het moest.”

Louis van Gaal werd ‘Piegem’ genoemd, een soort van lulletje rozenwater.
​Conny Koreman

Conny straalt als ze vertelt over haar amateurvoetbaltijd. Ze heeft lol als de interviewer haar niet herkent op teamfoto’s van vroeger en nu. Na een tijdje blijkt: zij/hij is degene met dat vrolijke gezicht. Ongelukkig was Coen betrekkelijk weinig. Hij liep vooraan in de polonaise door café Hans & Grietje na wedstrijden en versierde de mooiste meisjes. “Dat zag ik ook als topsport, maar ik deed er uiteindelijk niets mee.”

In de bouwwereld klom Coen op tot bedrijfsleider bij Ballast Nedam. Hij trouwde en kreeg twee zonen. Geen ongelukkig huwelijk, met haar ex drinkt ze nog steeds een wijntje. Maar Conny kwam opzetten. “En Conny was niet meer te houden.”

Op verjaardagen en tijdens kroegbezoek was ze al Conny, inclusief jurk en make-up. Maar in de voetbalkantine stapte de stoere bink Coen binnen. “Ik zou in een wereld vol onbegrip terechtkomen. Had ik geen trek in. Ik hield mijn machomasker op.”

Een jaar na de operatie ‘kroop het bloed waar het niet gaan kon’ en ging ze weer voetballen.

Tot het niet meer ging. Rond de geslachtsaanpassende operatie stopte ze even met voetbal. Mede door tijdgebrek, maar ook om Conny de tijd te geven de wereld te ontdekken. Een jaar na de operatie “kroop het bloed waar het niet gaan kon” en ging ze weer voetballen. Maar nu bij een vrouwenteam.

Het was van beide kanten even wennen. Een aantal jonge voetballers riep “meneer” en “travestiet” naar haar. “Maar daar ga ik met open vizier tegenin. Ik werd een keer na het stappen door twee Marokkaanse jongens nageroepen met ‘Hé meneer’. Ik riep ‘Hé Turk’ terug. Zij kwamen naar me toe, ik zei: ‘Voordat je overweegt me in elkaar te slaan: “Hé Turk” voelt voor jou net zo vervelend als “Hé meneer” voor mij.’ Toen liepen ze door.”

Lees de rest van het verhaal van Conny Koreman in SANTOS #11, nu in de winkels of hierrrr te bestellen. In onze speciale vrouweneditie ook portretten van twee andere vrouwen die tegen de stroom in roeien: Germaine de Randamie (34), vechtsportkampioene én speelster van IJFC, en Lenie van Wensveen (76), de eerste doelpuntenmaker van het Nederlands vrouwenelftal.
Lees ook
365 - The World’s Greatest Football Grounds

Het Ultieme Stadionboek

Oogverblindende wereldvelden, stokoude stadions, architectonische hoogstandjes, klassieke voetbaltempels en de meest waanzinnige decors. In deze moddervette SANTOS verzamelden we de 365 mooiste stadions en voetbalvelden ter wereld. Om eindeloos in te bladeren én om je bucketlist compleet te maken. Het ultieme stadionboek voor iedere liefhebber.
SANTOS #15: Eredivisie Shirtbijbel

Eredivisie Shirtbijbel

Of we een tijdloze voetbalshirtbijbel wilden maken, met alle clubs erin die ooit in de eredivisie hebben gespeeld? Natuurlijk wilden we dat. Een beter onderwerp bestaat haast niet.
SANTOS #13: De 25 schoonheden van het amateurvoetbal

Broodje
bal

Het broodje bal is de meest onderschatte snack uit de Nederlandse voetbalkantine, betoogt Sjoerd Mossou. Daarom graag uw aandacht voor de van het vet druipende gehaktbal en het zachte puntje van vijftien cent uit een doorschijnende zak. Eet smakelijk!
SANTOS #14: Engeland special

De keeper, de kopbal,
de redding, de hond
en de duik

Ze mogen zich voor van alles op de borst kloppen, maar de beste voetballer aller tijden komt niet uit Engeland. De beste doelman wellicht wel. Of in ieder geval: de keeper met de meest legendarische save(s) aller tijden. Wilfried de Jong over Gordon Banks (1937-2019), de doelman die net zo gemakkelijk een zwerfhond klemvast nam als een kopbal van Pelé uit zijn goal ranselde.
SANTOS #14: Engeland special

De meest eigenwijze club van Engeland

De kleine non-league club Lewes FC overleefde een bijna-faillissement en geldt tegenwoordig als een voorbeeld voor andere clubs. Hoe? Door alles nét even anders te doen dan de rest. “We zijn niet tegendraads om het tegendraads zijn. We willen gewoon het goede doen.”
SANTOS SPECIAL: 100 JAAR BEKERVOETBAL

Ooit winnen
wij ’m

Voor iedere supporter van een kleine club is de KNVB Beker de heilige graal, een obsessie, de ultieme beloning voor jarenlange trouw. Totdat je – zoals bijna altijd – roemloos wordt uitgeschakeld. Dan wil je er acuut niets meer van weten, van die verdomde beker. Een essay van Sjoerd Mossou.